Hoe de zoektocht naar de achtergrond van Anna Ida Vroomen - een naam in een Duits kinderboekje, 1828- eindigt bij een beroemde Roermondse kunstenaar en zijn familie
In de bibliotheek van het gemeentearchief bevindt zich een Duits kinderboekje. Het is geschreven door boekhandelaar Friedrich Wilhem Goedsche. Deze boekhandelaar, vooral bekend onder het pseudoniem Heinrich Oswald, leefde van 1785 tot 1840. Goedsche werkte in Meissen, een Duits stadje bekend om zijn porselein en wijn. De titel van het boekje luidt:
Auserlesene Erzählungen zur belehrenden Unterhaltung fur Kinder

Het boekje is inderdaad opvoedend, belerend en moralistisch bedoeld. Thema's zoals vlijt, de waarheid spreken en je ouders repecteren vormen de hoofdmoot van het boekje.
Een van de hoofdstukjes heeft als thema dat ook beesten gevoel hebben en iemand een "boos hart" heeft als hij "kleine" dieren martelt. Een zekere Erich gaat wandelen met de familie van zijn vriendje Ludwig. Erich vangt een veldmuis en wil hem de staart en oren afsnijden. Hij vindt het een kleine dief die graan van de boeren steelt en daarom moet hij worden gestraft. Vader Hermann is het daar uiteraard niet mee eens en er ontstaat een korte discussie. Erich vindt het klokje dat hij van zijn vader heeft gekregen een kunstwerk, de muis niet. Vader Hermann legt uit dat het veldmuisje wel degelijk een kunstwerk van god is. Kan een klok kleine klokjes krijgen? Luischen, zusje van Ludwig, smeekt huilend of zij het muisje mag hebben. Erich geeft het en Luischen laat het muisje gaan. Vader Hermann voegt nog toe dat het wel geoorloofd is om sommige beesten te doden, zoals schapen, omdat mensen nu eenmaal moeten eten. Je mag ze echter niet laten lijden.
Het boekje bevat nog negen gekleurde tekeningen.
Het interessante van het boekje zijn de aantekeningen die verwijzen naar enkele eigenaars. We kunnen de namen achterhalen en blijken verrassend genoeg uit te komen bij een bekende Roermondse kunstenaarsfamilie met internationale faam.
De eerste die het boekje kreeg is Anna Maria Ida Vroomen. Zij woonde in Roermond en kreeg het boekje op 1 januari 1828. Van wie ze het boekje kreeg is niet duidelijk. Misschien van haar moeder Barbara Reichenberger. Barbara kwam uit het hedendaagse Duitstalige Belgische Eupen en het handschrift met de naam Anna is in het Duits. De aantekening vermeldt wel waarom ze het kreeg. Haar prestaties in de Duitse, Franse en Nederlandse taal waren goed. Ze was zeer vlijtig geweest. Kunnen we achterhalen wie Anna Vroomen was?
Anna Vroomen was in 1828 tien jaar. Ze werd geboren in Maastricht op 31 juli 1818 en haar ouders zijn Jan Peter Vroomen en de eerder vermelde Maria Barbara Reichenberger.
Hoe komt Anna Vroomen in Roermond terecht?
Waarom de familie Vroomen naar Roermond trekt is niet helemaal duidelijk. Mogelijk vond moeder Vroomen een betrekking als ondermeesteres oftewel onderwijzeres. Misschien vond vader Vroomen als schoenmaker beter werk. In ieder geval overlijdt Jan Peter Vroomen jong op dertigjarige leeftijd in 1821.
Moeder Barbara - zo staat ze vermeld in de Roermondse bevolkingsregisters- hertrouwt op 26 april 1824 met een zekere Karel Nicölas die huisschilder was in Roermond. Uit de huwelijksbijlagen bleekdat deze Nicölas weduwnaar iwasvan Maria Sophia Abels.
Anna Maria Ida Vroomen werd net als haar moeder onderwijzeres. Het leven van Anna was veel tekort. Net als haar vader stierf ze jong op 10 februari 1847. Ze was slechts 29 jaar oud. Hadden de Vroomens een of andere kwaal?
Maria Nicolas, 1848
De tweede naam in het boekje is die van Maria Nicolas. Zij werd uit het huwelijk van Barbara en Karel als laatste en vierde kind geboren op 8 december 1835. Na het overlijden van haar halfzus Anna had zij misschien het boekje van haar moeder gekregen in 1848.
Maria had nog drie oudere broers waarvan er één ook huisschilder werd namelijk Frans. Een andere broer Joseph werd goudsmitgezel.
Antonius Frans(iscus) Hubertus Nicolas (in de bevolkingsregisters en burgerlijke stand staat de naam soms als Nicölas geschreven) werd op 29 december 1826 geboren en was de grondlegger van de beroemde ateliers voor de glasschilderkunst in 1855. Het atelier leverde glas-in-lood over de hele wereld. Zijn zoon Carolus Antonius Hubertus Nicolas geboren in 1859 was tevens glasschilder van beroep en zette samen met zijn oudere broer Frans het atelier voort onder de naam Nicolas & Zn.. Carolus oftewel Charles was de vader van de beroemdste telg van de Nicolas familie. Josephus Antonius Hubertus Franciscus Nicolas werd geboren op 6 oktober 1897.
Deze Nicolas met de roepnaam Joep was een veelzijdig kunstenaar die beroemd was om zijn glas-in-lood-ramen en schilderkunst. Joep verkocht het familiebedrijf toen hij in 1939 naar de Verenigde Staten vertrok. Evenals in Europa kreeg hij in de VS veel opdrachten. Jarenlang pendelde hij dan ook op en neer. Hij overleed in 1972 en is begraven in Sint Odiliënberg. Zijn dochter Sylvia en neef Joep Nicolas, ook bekend onder het pseudoniem Nicolas van Ronkenstein, zetten de familietraditie voort.
Het Duitse kinderboekje is waarschijnlijk via Anna Vroomen in de familie Nicolas terechtgekomen. Wie weet, hebben de kinderen uit deze familie verhaaltjes uit dit boekje gehoord. Misschien heeft de moeder van Joep Nicolas, Hortense Schieffer, wel voorgelezen uit het boekje.
Lässige hand machet arm, aber der fleissigen Hand machet reich
(M.M.H. Lemmens, 2005)
|