|
Vandaag wilde ik schrijven…
Vandaag wilde ik schrijven. Schrijven over Roermond, over mijn stad. Alle opties lagen nog open in het licht van de ochtend: onrust op het Munsterplein, camera's bij het station, frustraties van jeugd in rap. Vandaag wilde ik schrijven…
Maar deze ochtend woedt er oorlog in de ingewanden van Londen. Wordt op een steenworp afstand de dood door een gezichtsloze vijand geregisseerd. Minutieus en laf. "Een griezelige stilte" noemt een anonieme stem dat wat er overblijft na zeven dodelijke golven van druk en geluid. De getuige ziet de verwarring en verslagenheid om zich heen en vat in die drie woorden samen wat Londen voelt. Wat een groot deel van de wereld voelt, houd ik mijzelf hoopvol voor. Want het idee van vrede moet toch groter zijn dan de drang tot vernietiging, houd ik mijzelf hoopvol voor.
Vandaag wilde ik schrijven. Schrijven over Roermond, over mijn stad. Alle opties lagen nog open in het licht van de ochtend: het productiehuis, een nieuw communicatieplan, omzetdaling voor de middenstand. Vandaag wilde ik schrijven….
Maar deze ochtend verlamt het leven en bloedt Londen, huilt de wereld. Cijfers aarzelen. Eerst nog. Onthullen dan schoorvoetend, uur na uur, het gezicht van terreur. "Maar waarom werd het mes dan geboren, waarom? Om de koe te slachten", herinner ik mij tussen verbijsterende beelden door de woorden uit een gedicht van Lindita Aliu. Op het scherm vertellen verminkte gezichten hun boze herinneringen. Hortend, stotend, woorden stollend in onbegrip. Het geel van hulpverlenerjassen en ambulances kleurt Londen zomers op deze zwarte dag. Alsof deze op haar knieën gebrachte stad de wereld nog even onwetend wil houden, de wereld nog even niet klaar vindt voor het bevatten van weer een nieuwe daad van terreur.
Vandaag wilde ik schrijven. Schrijven over Roermond, over mijn stad. De opties lagen nog open in het licht van de ochtend: twijfelachtige onzekerheid voor kinderopvang, GFT ondergronds of de schaduw van de IJzeren Rijn. Vandaag wilde ik schijven. Schrijven over Roermond, over mijn stad. Maar vandaag stolde voor even de inkt in mijn pen, voor ik een woord geschreven had.
|